Waar zit de gemeenschappelijkheid in onze visie?

17 juli 2017
  • Waarom aandacht voor Group Concept Mapping?
  • Hoe helpt GCM bij een gedeelde visie?
  • Wat levert software anders op dan overleg en bijeenkomsten?
  • Verder lezen?

Waarom aandacht voor Group Concept Mapping?

Samen praten over een visie levert soms waardevolle discussie op, maar kan soms ook door tegengestelde belangen leiden tot een vastgelopen discussie en daarmee tot niets. Als je een door het team gedragen visie wil ontwikkelen, dan kunnen onderzoeksmethoden zoals Group Concept Mapping (GCM) helpen om verbanden en prioriteiten zichtbaar te maken. Daarbij worden ook de voorwaarden, het ontwerpproces en de ondersteuning en samenwerking als belangrijke factoren duidelijk. Praten over gewenste veranderingen in het curriculum blijft abstract zo lang het niet gaat over de gewenste en concrete resultaten, de beschikbare middelen, de vereiste procedures en de mensen die het moeten doen. Group Concept Mapping helpt om ideeën en opvattingen van een groep mensen te vertalen in kritische succesfactoren voor bijvoorbeeld blended learning of curriculumontwikkeling.

Hoe helpt GCM bij een gedeelde visie?

Een visie ontwikkelen met GCM gaat als een drie-traps raket: brainstormen, rangschikken en beoordelen. Met behulp van ICT en wat statistiek kunnen deze processen vereenvoudigd worden, zonder aan zeggingskracht te verliezen. Via software voor GCM kunnen deelnemers stellingen opschrijven rond een vooraf vastgesteld onderwerp, bijvoorbeeld curriculumontwikkeling. Bij Zuyd werden succesfactoren voor een blended learning strategie verzameld bij 64 deelnemers. Deze brainstorm leverde 125 ideeën op die met statistische technieken geprojecteerd worden in een wolk. Vervolgens is met beschrijvende statistiek de samenhang tussen de ideeën zichtbaar gemaakt door deze te analyseren, te karakteriseren en te clusteren. Dat leverde zeven clusters op waaraan de organisatie volgens de deelnemers moet werken bij de invoering van blended learning. De bridging factor bij elk cluster geeft aan hoe sterk de samenhang is tussen de afzonderlijke ideeën.

afbeelding 1: Clustermap en bridging factoren

Na deze clustering gaven deelnemers de prioriteiten aan door het belang en de haalbaarheid van de ideeën te beoordelen. Daarmee ontstaat een grafiek die zichtbaar maakt welke van de ideeën zowel belangrijk en haalbaar zijn (groene vlak). De deelnemers aan het onderzoek naar blended learning vinden bijvoorbeeld beschikbare tijd en ondersteuning bij het ontwerp het meest belangrijk, en ze vinden het samenwerken in communities en het gebruik maken van ondersteunende diensten het best haalbaar. Voor elk cluster kan worden vastgesteld wat volgens de deelnemers de belangrijkste en meest haalbare ideeën zijn.

Afbeelding 2: go-zone grafiek voor het cluster ‘Tijd en ondersteuning voor herontwerp’

Belangrijk en haalbaar voor het cluster Tijd en ondersteuning voor herontwerp zijn:

  1. Het flexibel faciliteren van docenten
  2. Technische en didactische ondersteuning van docenten
  3. Betrokkenheid van een expert die vanaf het begin aanstuurt op inpassing in het curriculum
  4. Ontwerpteams waarin ook ondersteunende diensten een plek hebben.

De software voor Group Concept Mapping resulteert in een raamwerk voor gewenste en succesvolle curriculumontwikkeling. Dit raamwerk heeft betrekking op:

  • Visie en voorwaarden
  • Het ontwerpproces
  • Ondersteuning en samenwerking

Het gaat bij curriculumontwikkeling niet alleen om de inhoud daarvan, maar ook om saamhorigheid en een plan van aanpak. De analyse met Group Concept Mapping levert daarvoor een goede basis.

Wat levert de software anders op dan overleg en bijeenkomsten?

De grote winst van de software zit hem erin dat de meningen van individuele deelnemers over het belang en de haalbaarheid van kernwaarden zichtbaar worden in informatiewolken. Inzoomen op wat belangrijk en haalbaar is levert de kansrijke aanknopingspunten of ‘quick wins’. Met deze zaken kan een ontwerpteam rekening houden.

De statistische verwerking van gegevens levert zicht op denkpatronen. Bij statistiek gaat het vaak om een grote steekproef. Toch kun je grote hoeveelheden gegevens ook halen uit een vragenlijst, waarmee zo veel mogelijk ideeën bij een beperkt aantal deelnemers opgehaald worden. Zelfs met een groep van ongeveer 20 deelnemers levert een GCM-studie betrouwbare informatie over gewenste en haalbare veranderingen, doordat de software voor Group Concept Mapping uitgaat van individuele inbreng van de deelnemers. Discussies om tot consensus te komen zijn niet nodig. De resultaten van een GCM-studie zijn op deze manier een goed startpunt voor beleidsvorming en in dit geval implementatie.

Verder lezen?

Limbeek, E., Moonen, J., Hooijdonk, J. v., Ebus, P., Joppe, D., Kockelkoren, C., . . . Drachsler, H. (2017). Succesfactoren voor de implementatie van Blended Learning binnen Zuyd Hogeschool. Retrieved from Heerlen: https://tol.zuyd.nl/wp-content/uploads/2017/11/Rapport_Succesfactoren-voor-Blended-Learning_nov2017.pdf

Meer informatie over de gevolgde procedure en de resultaten van de uitgevoerde GCM-studie naar een strategie voor blended learning staan in bovenstaand rapport. Dit artikel kwam tot stand op basis van gesprekken met Jo Moonen over bovenstaand onderzoek.

Abrahams, D. A. (2010). Technology in higher education: A framework for identifying and prioritising issues and barriers to adoption of instructional technology. Journal of Applied Research in Higher Education, 2(2), 33-49.

Beschrijving van de GCM-methodiek voor het ontdekken van prioriteiten en weerstanden bij de accepatie van technologie in het onderwijs.

Anderson, L. A., Day, K. L., & Vandenberg, A. E. (2011). Using a concept map as a tool for strategic planning: The healthy brain initiative. Preventing Chronic Disease, 8(5), A117.

Gebruik van GCM als gereedschap voor strategische planning.

Scheffel, M., Drachsler, H., Stoyanov, S., & Specht, M. (2014). Quality Indicators for Learning Analytics. Educational Technology & Society, 17(4), 117-132.

GCM voor het opstellen van kwaliteitsindicatoren voor learning analytics.

Nieuwenhuis, M. A. (2003). The art of management. 1: Strategie en structuur : vereenvoudigen, verbinden, visualiseren: [Apeldoorn The Art of Management] 2003. 2e dr.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *